Söktermen betala har 21 resultat
SVSvenskaNLHolländska
betala(v)[olikhet]
  • betalad
betalen(v)[olikhet]
  • betaald
  • betaalt
  • betalen
  • betaalden
  • betaalde
betala(v)[skuld]
  • betalad
bijpassen(v)[skuld]
  • bijgepast
  • past bij
  • passen bij
  • pasten bij
  • paste bij
betala(v)[pengar]
  • betalad
bijpassen(v)[pengar]
  • bijgepast
  • past bij
  • passen bij
  • pasten bij
  • paste bij
betala(v)[olikhet]
  • betalad
bijpassen(v)[olikhet]
  • bijgepast
  • past bij
  • passen bij
  • pasten bij
  • paste bij
betala(v)[pengar]
  • betalad
bekostigen(v)[pengar]
  • bekostigd
  • bekostigt
  • bekostigen
  • bekostigden
  • bekostigde
SVSvenskaNLHolländska
betala(v)[skuld]
  • betalad
bijleggen(v)[skuld]
  • bijgelegd
  • legt bij
  • leggen bij
  • legden bij
  • legde bij
betala(v)[pengar]
  • betalad
bijleggen(v)[pengar]
  • bijgelegd
  • legt bij
  • leggen bij
  • legden bij
  • legde bij
betala(v)[olikhet]
  • betalad
bijleggen(v)[olikhet]
  • bijgelegd
  • legt bij
  • leggen bij
  • legden bij
  • legde bij
betala(v)[skuld]
  • betalad
betalen(v)[skuld]
  • betaald
  • betaalt
  • betalen
  • betaalden
  • betaalde
betala(v)[pengar]
  • betalad
betalen(v)[pengar]
  • betaald
  • betaalt
  • betalen
  • betaalden
  • betaalde
betala(n v)[pay]
  • betalad
betalen(n v)[pay]
  • betaald
  • betaalt
  • betalen
  • betaalden
  • betaalde
betala(v)[skuld]
  • betalad
afbetalen(v)[skuld]
  • afbetaald
  • betaalt af
  • betalen af
  • betaalde af
  • betaalden af
betala(v)[betalning] de rekening betalen(v)[betalning]
betala(v)[betalning]
  • betalad
afrekenen(v)[betalning]
  • afgerekend
  • rekent af
  • rekenen af
  • rekenden af
  • rekende af
betala(v)[skuld]
  • betalad
voldoen(v)[skuld]
  • voldaan
  • voldoen
  • voldoet
  • voldeden
  • voldeed
betala(n v)[pay]
  • betalad
voldoen(n v)[pay]
  • voldaan
  • voldoen
  • voldoet
  • voldeden
  • voldeed
betala(v)[skuld]
  • betalad
aanzuiveren(v)[skuld]
  • aangezuiverd
  • zuiveren aan
  • zuivert aan
  • zuiverde aan
  • zuiverden aan
betala(v)[skuld]
  • betalad
aflossen(v)[skuld]
  • afgelost
  • lossen af
  • lost af
  • loste af
  • losten af
betala(v)[skuld]
  • betalad
vereffenen(v)[skuld]
  • vereffend
  • vereffent
  • vereffenen
  • vereffende
  • vereffenden
betala(v)[pengar]
  • betalad
vereffenen(v)[pengar]
  • vereffend
  • vereffent
  • vereffenen
  • vereffende
  • vereffenden
betala(v)[olikhet]
  • betalad
vereffenen(v)[olikhet]
  • vereffend
  • vereffent
  • vereffenen
  • vereffende
  • vereffenden
SVSynonymer för betalaNLÖversättningar
sota för[böta för]boeten voor
sona[böta för]het weer goed maken
lida för[böta för]goedmaken
finansiera[stå för kostnaderna]financieren{n}
förlägga[stå för kostnaderna]zoekmaken
vedergälla[försona]vergelden
gottgöra[försona]rechttrekken
utbetala[gälda]betalen
återbetala[gälda]terugbetalen
lösa[gälda]oplossen
utlösa[gälda]ontketenen
likvidera[gälda]uit de weg ruimen(informal)
amortera[gälda]amortiseren
återgälda[gälda]reciproceren
köpa[inlösa]aanschaffen{n}
infria[inlösa]gehoor geven aan
ordna[göra upp]rangschikken
våga[sätta]wagen{m}
riskera[sätta]wagen{m}
hålla[sätta]bruikbaar blijven