Söktermen nedsätta har 14 resultat
SVSvenskaNLHolländska
nedsätta(v)[handel]
  • nedsatt
afbreken(v)[handel]
  • afgebroken
  • breekt af
  • breken af
  • braken af
  • brak af
nedsätta(v)[priser]
  • nedsatt
afbreken(v)[priser]
  • afgebroken
  • breekt af
  • breken af
  • braken af
  • brak af
nedsätta(v)[racka ner på]
  • nedsatt
afbreken(v)[racka ner på]
  • afgebroken
  • breekt af
  • breken af
  • braken af
  • brak af
nedsätta(v)[priser]
  • nedsatt
verlagen(v)[priser]
  • verlaagd
  • verlagen
  • verlaagt
  • verlaagden
  • verlaagde
nedsätta(v)[racka ner på]
  • nedsatt
verlagen(v)[racka ner på]
  • verlaagd
  • verlagen
  • verlaagt
  • verlaagden
  • verlaagde
SVSvenskaNLHolländska
nedsätta(v)[handel]
  • nedsatt
kleineren(v)[handel]
  • gekleineerd
  • kleineren
  • kleineert
  • kleineerde
  • kleineerden
nedsätta(v)[priser]
  • nedsatt
kleineren(v)[priser]
  • gekleineerd
  • kleineren
  • kleineert
  • kleineerde
  • kleineerden
nedsätta(v)[racka ner på]
  • nedsatt
kleineren(v)[racka ner på]
  • gekleineerd
  • kleineren
  • kleineert
  • kleineerde
  • kleineerden
nedsätta(v)[handel]
  • nedsatt
afprijzen(v)[handel]
  • afgeprijsd
  • prijzen af
  • prijst af
  • prijsde af
  • prijsden af
nedsätta(v)[priser]
  • nedsatt
afprijzen(v)[priser]
  • afgeprijsd
  • prijzen af
  • prijst af
  • prijsde af
  • prijsden af
nedsätta(v)[racka ner på]
  • nedsatt
afprijzen(v)[racka ner på]
  • afgeprijsd
  • prijzen af
  • prijst af
  • prijsde af
  • prijsden af
nedsätta(v)[handel]
  • nedsatt
denigreren(v)[handel]
  • gedenigreerd
  • denigreren
  • denigreert
  • denigreerde
  • denigreerden
nedsätta(v)[priser]
  • nedsatt
denigreren(v)[priser]
  • gedenigreerd
  • denigreren
  • denigreert
  • denigreerde
  • denigreerden
nedsätta(v)[racka ner på]
  • nedsatt
denigreren(v)[racka ner på]
  • gedenigreerd
  • denigreren
  • denigreert
  • denigreerde
  • denigreerden